‘Never waste a good crisis’

Het woord crisis heeft in het Nederlands een vervelende ondertoon, maar in het Grieks, waar het woord vandaan komt, betekent crisis ‘beslissing’. Treffend, gezien de situatie waar mijn club Feyenoord nu in zit, waar fundamentele beslissingen over de toekomst genomen moeten worden. De aankomende weken wordt er een nieuwe directie gepresenteerd. De meest fundamentele functies binnen de club, trainer, algemeen directeur en technisch directeur, zijn binnen een jaar vervangen. Een omslag die lijkt voor te komen uit chaos, maar waar ik niet per se negatief over ben. Deze omwenteling is nodig na twee jaar stuurloosheid onder Jan de Jong, en het vastgeroeste technische beleid van Martin van Geel.

Nu de komende weken een nieuw management wordt gepresenteerd, is het de moeite om terug te kijken op het functioneren van de twee Algemeen Directeuren die het meest hun stempel hebben gedrukt op de club de laatste dertig jaar: Eric Gudde en Jorien van den Herik. Hoe zij tijdens en na hun regeerperiodes werden en worden beoordeeld zegt ons iets over de club. Maar het zegt wellicht ook iets over de ‘perfecte kandidaat’ die we zoeken.

Van den Herik en het ultra conservatisme binnen Feyenoord

Jorien van den Herik was de meest charismatische Algemeen Directeur die Feyenoord de laatste 40 jaar heeft gehad. Van den Herik was communicatief vlijmscherp, hij durfde Feyenoord en plein public te verdedigen tegen de boze buitenwereld, en gaf in de jaren ’90 de club veel van de glans terug die het in de grauwe jaren ’80 was verloren. Dat Van den Herik er stond toen Feyenoord zijn worst hour beleefde, toen hij Feyenoord uit het HCS-debacle takelde, mag en zal niet vergeten worden. Tot zover de lieve woorden.

Één van de curieuze bijeffecten van een sportieve crisis bij Feyenoord is dat er altijd er weemoedig teruggekeken wordt naar de tijden onder Van den Herik. De oud-voorzitter staat volgens een deel van het Legioen symbool voor de sterke man die een complexe club als Feyenoord nodig heeft. Toch, de roep om Van den Herik heeft iets absurds, gegeven de omstandigheden waarin hij de club achterliet in 2006.

Van den Herik heeft in de herfst van zijn regeerperiode door middel van schaamteloze zelfverrijking en gekmakende onverschilligheid (hij verbleef vaker op zijn boot op Cyprus dan in het Maasgebouw) Feyenoord laten vallen. Het argument dat van stal wordt gehaald dat Van den Herik als redder van Feyenoord oneindig veel krediet verdient, wordt onschadelijk gemaakt door zijn destructieve beleid later. Wie iemand uit het water heeft gered, mag diegene vervolgens 15 jaar later niet alsnog laten verzuipen.

Ook bewijst de roep om Van den Herik hoe diep het ultra conservatisme, waar de club zo doordrenkt mee is, geworteld in haar supporters is. Als Feyenoord een oplossing voor haar problemen zoekt, lijken club en supporters eerst in de achteruitkijkspiegel te kijken. Problemen in 2019 ga je niet oplossen met voormalig bewindspersonen die denken in oplossingen uit 1994. De oplossing van de problemen zoeken in het aantrekken van oud-coryfeeën Van den Herik, of een Van Hanegem, Fraser, Jansen of de Wolf, het toont het chronische gebrek aan vernieuwingsdrang in de entourage binnen en rond Feyenoord.

Bij Feyenoord is een voormalige heldenstatus een aanbeveling om zeer complexe jobs aan te nemen.  Dat is het simpelweg niet altijd. Je kunt best nadenken hoe je clubiconen aan je organisatie bindt, maar continu blijven terugvallen op een benauwend old boys network om fundamentele functies binnen de club werkt progressie tegen. Wil je de club heropbouwen gestoeld op vernieuwingsdrang, innovatie en topsportmentaliteit, dan is een Feyenoord-verleden misschien eerder een last dan een lust.

Uitblijven van herwaardering voor Eric Gudde

Eric Gudde is in alles de tegenpool van Jorien Van den Herik. Weinig mediageniek, tot de verbeelding sprekende zinnen produceert hij nauwelijks, en heeft een weinig imposant postuur. De gebrekkige uitstraling past volgens kwade tongen bij zijn voormalige beroep (Gudde was topambtenaar bij de gemeente Rotterdam). Zijn verschijning roept in niets daadkracht uit, Gudde lijkt, for lack of a better word, ‘gewoontjes’.

Misschien is het deels vanwege zijn fysieke verschijning dat een deel van het Legioen Gudde nooit echt in de armen sloot. Ik zeg deels, omdat Gudde ook communicatieve en beleidsmatige inhoudelijke zwaktes toonde. Zijn gebrekkige communicatie vaardigheden zorgden ervoor dat de achterban amper mee werd genomen in de keuze voor een nieuw stadion. En ook de eenwording van Feyenoord (het samenbrengen van de Sportclub en de BVO) lukte hem niet. Wel bracht hij de drie organen van de club in 2010 samen onder de paraplu Stichting Feyenoord.

Zijn grootste inschattingsfout maakte Gudde in zijn laatste jaren van zijn bestuursperiode. Technisch directeur Van Geel kon te dominant zijn visie, of gebrek eraan, uitleven op Feyenoord. In technische dossiers als het wel of niet instappen in de voetbalpiramide, het doorselecteren in het vergrijsde scoutingsapparaat en het niet meedoen aan het vrouwenvoetbal had Van Geel te lang vrij spel. Ook bij het aanwijzen van een nieuw hoofd jeugdopleidingen maakte Gudde een klassieke fout, hij stelde vriend Grootscholten aan die nauwelijks draagvlak had in de organisatie. Dat mag Gudde aangerekend worden.

Maar toch, ik heb een groeiende bewondering gekregen voor Gudde. In zijn regeerperiode wist Feyenoord een negatief eigen vermogen van 43 miljoen om te bouwen tot een positief vermogen van ruim 30 miljoen, een ongekende luxe positie voor de club. In zijn regeerperiode straalde Feyenoord bestuurlijke rust uit die een basis bracht waar Koeman, Van Bronckhorst en Van Geel in zijn eerste jaren konden floreren. Hij was financieel uitermate sterk onderbouwd, en mede daardoor kon Feyenoord het jarenlang zonder CFO af. Beleidsmatig was Gudde stoïcijns en vasthoudend als er eenmaal een koers was uitgezet.

Gudde werd intern op handen gedragen, hij genoot veel aanzien in zowel het Maasgebouw als op Varkenoord. Die autoriteit, dat hij afdwong door bovenal ontzettend hard te werken en een jaloersmakende dossierkennis, miste zijn opvolger Jan de Jong. Daarnaast leert Gudde ons dat populair zijn in de achterban niet een voorwaarde hoeft te zijn om goed te functioneren. Sterker nog, een mate van onverschillig zijn over hoe de achterban vindt dat je functioneert is bijna een voorwaarde om het bij deze club lang vol te houden.

Wie zoeken we dan precies?

Van den Herik leert ons dat een charismatische leider die in zijn laatste jaren wanbeleid heeft gevoerd, 15 jaar later toch als leider wordt herinnerd. Van den Herik werd in 2006 met pek en veren uit de Kuip gejaagd door een harde kern die hem ironisch genoeg nu weer op handen draagt. Van den Herik zijn hernieuwde populariteit bewijst dat je na jaren wanbeleid dat de club tot de grond heeft gelijk gemaakt, je om bedenkelijke redenen later toch weer op populariteit kunt rekenen.

Gudde maakte Feyenoord gezond, maar miste de visie om Feyenoord een vergezicht te schetsen dat verder ging dan dat. Gudde miste de communicatieve skills om op cruciale dossiers de achterban mee te nemen. Dat is op zich prima, als je je omringd weet door een sterke communicatieve man naast je, maar ook hierin leek Gudde de meerwaarde van open en transparante communicatie naar je achterban niet voldoende in te zien.

Voor langlopend dossier als Feyenoord City is het cruciaal om een communicator te hebben binnen de club. Dit debat, dat een splijtzwam zal blijven, vraagt om een club die open communiceert met zijn achterban waarom er keuzes gemaakt worden. Ikzelf ben niet tegen Feyenoord City, maar ik begrijp hoe belangrijk het is om hier goed over geïnformeerd te worden. Het vertrek uit de Kuip maakt bij iedere Feyenoorder iets los, als je daar als club te licht over denkt en communicatie over laat aan een PR-bureau, ben je geen knip voor de neus waard. Ook het wel of niet in zee gaan met externe financiers is zo’n precair onderwerp waarin communicatie essentieel is.

De nieuwe AD van Feyenoord moet niet de illusie hebben dat er een populariteitswedstrijd te winnen valt. Er zal altijd een moment komen dat een deel van de achterban je uitkotst. Een sterke leider roept weerstand op, omdat besluitvaardigheid bij een emotionele branche als de voetballerij altijd op verzet stuit. Stippel een technische visie uit voor de lange termijn en houd daaraan vast, ook bij incidentele tegenslag en blijf die visie jaarlijks herijken. Het creëren van een topsportmentaliteit gaat niet over één nacht ijs, het moet jarenlang erin geslepen worden in alle geledingen van de club.

De bestuurlijke behoudzucht die Feyenoord zo lang gekenmerkt heeft maakt de club kapot. Feyenoord kan het zich niet blijvend permitteren om geleid te worden door de neiging om alles onveranderlijk te laten. Geen vaagtaal over mentaliteit en hard werken maar werken aan een voetbalvisie. Wat ik daarom vooral hoop is dat het nieuwe managementteam deze crisis niet te snel aan zich voorbij laat gaan. ‘Never waste a good crisis’ is de gevleugelde uitspraak van Winston Churchill, die in de ruïnes van na de Tweede Wereldoorlog de kans zag om Europese eenwording te bevorderen. Juist in crisis is het hoog tijd om de noodzaak tot verandering te benadrukken. Nog nooit was deze zin zo op toepassing op mijn club. Laat die crisis dus nog maar even voortwoekeren.

Bart Toorenaar

@BartToorenaar