In de 6 plagen van Feyenoord bespreken: Bart Toorenaar, Jack van Fraeijenhove en Stijn van Pelt de zes grootste plagen van de organisatie vandaag de dag op. Met nu plaag 6.

Plaag 6: diep geworteld conservatisme in de club

Directie en RVC

Wie naar de huidige samenstelling van de directie en raad van commissarissen van Feyenoord kijkt, ziet weinig jong, nieuw bloed. Zowel de directie, de stadiondirectie als het management van Feyenoord bestaat uit lang zittende mannen. Bestuurders die er korter dan acht jaar zitten zijn op één hand te tellen, jong talent vind je er bijna niet. Nu is het flauw om iemand zijn functioneren bij voorbaat af te katten door een lange staat van dienst. Ook mensen die lang bij een werkgever werken kunnen immers hun waarde hebben in een organisatie, maar toch, vaak zijn er in een organisatie waar iedereen blijft zitten waar hij zit twee zaken mogelijk: of iedereen presteert uitstekend en er is geen enkele reden tot klagen, dit is tamelijk uitzonderlijk, of twee: er heerst een excuuscultuur die stagnatie in de hand werkt.

Stilstaand water gaat meuren. Dat is in een organisatie net zoals in de natuur. Wie geen ruimte biedt voor vernieuwende ideeën over voetbal, maar ook over hoe je een complexe organisatie als een BVO leidt, loopt achter. Als je in zoveel geledingen mensen hebt zitten die hun professionele ervaring grotendeels bij Feyenoord hebben opgedaan, raken nieuwe ontwikkelingen in de sport en maatschappij uit het vizier.

Zoektocht naar een nieuwe trainer

De behoudzucht zit in meer geledingen in en rond de club. Je kunt nu al weer zien dat, nu er een nieuwe trainer gezocht wordt, er uit een beperkte pool van Nederlanders gezocht gaat worden. Hemeltergende clichés zullen gebruikt worden door analisten als ‘de trainer moet bij de club passen’, ‘hij moet begrijpen waar Feyenoord voor staat, hard werken en mouwen opstropen’. Het wordt bijna karikaturaal als ‘de Feyenoorder’ weer eens wordt besproken. Dat heeft de club aan zichzelf te danken met een wervingsbeleid dat zo gespeend is van iedere creativiteit. Vaak wordt er uitgegaan van het bekende, zelden wordt de gok gewaagd met vernieuwing.

Maar conservatisme zit hem in nog meer dingen. Neem het terugverlangen naar Jorien van den Herik als sterke man. Door velen wordt vol nostalgie teruggekeken naar de jaren met de GKL (grote kale leider) aan het roer. Veelgehoorde drogredenen zijn: ‘hij heeft ons gered’ of ‘in die jaren stond er tenminste iemand’. Let wel, dat Van den Herik zijn portemonnee trok in de periode dat de club het ’t hardst nodig had is meer dan te prijzen, maar dan nog is zijn jarenlange mismanagement na het behalen van de UEFA Cup genoeg reden om hem een bestuurskamerverbod voor het leven te geven.

Van den Herik speelt daarin de laatste tijd een sluw spel op de achtergrond, een deel van de harde kern paaiend met zijn plotse aversie tegen het nieuwe stadion. Schaamteloos werpt hij zich op als tegenstander van het bouwwerk, terwijl het Van den Herik was die altijd fel voor een nieuw stadion was.  In feite hoopt hij op vernieuwde invloed nu de treuzelende en onzekere algemeen directeur Jan de Jong zijn heil zoekt in advies van een voorganger. Het zou voor de zoveelste keer een stap terug naar het bekende zijn, en de club weer vele stappen terug werpen.

Wat heeft de club dan wel nodig?

In de betweterige voetballerij heeft niemand de waarheid in pacht, wij ook niet. Wij zien het lastige parket waarin Feyenoord budgettair zit in vergelijking met de concurrenten. Maar dat mag geen vrijbrief zijn om beleid maken en uitvoeren uit te stellen. De tijden dat er gezwelgd kon worden in zelfmedelijden over de financiële mogelijkheden zijn definitief voorbij. Dat verhaal paste bij het Feyenoord van 2009, niet van 2019 nu groene cijfers al enkele jaren de jaarrekening kleuren. Daarnaast, toen Trencin met een budget van 2 miljoen euro beter positiespel speelde dan Feyenoord in de Europa League hoorde je niemand over dat budgettaire verschil. Het is een argument dat zeer selectief van stal wordt gehaald.

Gebruik de vervagende competitie en landsgrenzen door online je kansen te benutten. Ook Feyenoord kan internationaal supporters werven als het een krachtig verhaal heeft. Ajax profileert zich nadrukkelijk als talentenfabriek van Europa en handelt daar ook naar met sterke social media campagnes. Wat is het verhaal van Feyenoord en hoe sluit de handelswijze daar op aan?

De identiteit van de club is afgevlakt tot hard werken en loyaliteit: betekenisloze clichés en in de praktijk niet terug te zien in de handelswijze of communicatie van de club. Met alleen hard werken win je geen prijzen, daar is een duidelijk technisch beleid voor nodig. Clubs als Hoffenheim, Leipzig en Genk weten met eigenzinnig beleid clubs met hogere begrotingen voorbij te gaan en prijzen te pakken. Waarom is bij Feyenoord geen greintje progressie te bespeuren nadat de hoogste omzet ooit is behaald?

Marketingmachine

Als je clubbeleid daarnaast is om loyaliteit van één kant te laten komen door alleen tegen supporters te praten en niet met, dan ben je niet bezig om een succesvolle club op te bouwen. Als er al een clubidentiteit en voetbalvisie is, dan is deze niet terug te vinden in communicatie, beleidskeuzes of spelopvatting.

Nog steeds is de merkwaarde van de club groot – heel Nederland kent de club, haar clublied en het stadion – en de waarde daarvan is groot in een gefragmenteerd marketing landschap. Als volksclub zou je een sympathieke marketingmachine kunnen zijn, voor veel merken. We betwijfelen ernstig of de huidige lichting bestuurders die capaciteit heeft. De autistische communicatie in belangrijke dossiers doet het tegendeel vermoeden.

Als de nieuwe financiële armslag niet gepaard gaat met creativiteit in het wervingsbeleid, zowel op het veld als in het Maasbouw, gaat Feyenoord de facto weinig opschieten de komende jaren. Sterker nog, dan wordt het bijna terugverlangen naar een volgende crisis. Want een crisis, voortkomende uit het Griekse woord ‘krisis’ wat beslissing betekent, dwingt de clubleiding om keuzes te maken. Het dwingt de club tot de broodnodige verandering. Want Feyenoord, je staat stil.

 

Plaag1: Technisch toevalsbeleid

Plaag 2: een uitgeblust commercieel beleid

Supportersgeweld gestoeld op wederzijds wantrouwen

Plaag 4: old-fashioned communicatie en mediabeleid

Plaag 5: ontsporend jeugdbeleid